Uitgangspunt is om met een minimum aan muzikale afspraken een maximum aan orkestsound weg te zetten. De naam van de band verandert hiermee van vrijblijvend naar: WASHBOARD WAILERS (1991).

Geleidelijk aan groeit dat idee uit tot een orkest met complete arrange-menten, waarin de solistische capaciteiten van de musici ten volle benut worden.
Ook groeit de presentatie van de band en wordt de spijkerbroek ingeruild voor de smoking, later aangevuld met vest.
Het repertoire verfijnt zich nog steeds en zal uiteindelijk leiden tot een kleurrijk palet van thematische onderwerpen (Parham, Williams, Morton) om het publiek steeds weer attent te maken op de harmonische- en melodische creativiteit, welke in de jaren twintig leidde tot de jazzcraze in Amerika en luttele jaren later in Europa.
De band kan gezien worden als een studiecentrum voor de klassieke jazz, waarin een 8-tal jazzenthousiaste-lingen zich vo l overgave storten op de jazzvoorvaderen, ten einde het publiek van de 21e eeuw te informeren en enthousiasmeren voor de muzikale veelzijdigheid van toen, die de basis legde voor de huidige muziek.

Van toeval tot een hecht concept

De Washboard Wailers zijn ontstaan, zoals
vele bands: vanuit een willekeurige
formatie groeit een vaste groep, die na een
aantal verkenningen - startend in de revival-dixielandtraditie - komt tot de idee om een themaorkest vormen.
De eerste formatie begin jaren negentig heet heel toepasselijk de Rompslompstompers, wat de aard van het repertoire aardig aangeeft. Gezien de leden van de groep uit verschillende stijlgebieden komen, duurt het een ruim een jaar om tot een vast idee te komen. Het wordt de muziek van de washboard bands met als basis het immense repertoire van Clarence Williams.